Heeft u in januari naar de sterren gekeken? Het nieuws en de kranten roepen ons ook deze week op: kijk eens naar de sterren. Vorige maand was er iets bijzonders aan de hemel te zien: zes planeten waren iedere avond korte tijd gelijktijdig zichtbaar: Venus (de morgenster), Mars, Jupiter, Saturnus, Uranus en Neptunus. De eerste vier kan je met het blote oog zien. Voor Uranus en Neptunus heb je een goede verrekijker of telescoop nodig.

Planeten7

     Toen ik keek was het helaas helemaal bewolkt. Aan het eind van deze week krijgen we nog een kans en op 28 februari komt er zelfs een zevende planeet bij: Mercurius. Daarna moet je tot het jaar 2040 wachten. Ook zonder naar een speciale stand van de planeten te kijken zijn al die sterren imposant om te zien. Als je dan zo naar de hemel kijkt, dan kan je onder de indruk raken. Daar spreekt Psalm 8 ook van:

Zie ik de hemel, het werk van uw vingers,
de maan en de sterren door U daar bevestigd,
wat is dan de sterveling dat U aan hem denkt,
het mensenkind dat U naar hem omziet?

     We voelen ons nietig als we al die sterren en planeten zien. David beseft door de grootheid van de schepping hoe klein hij is als mens. Wat bijzonder dat die grote machtige God naar ons kleine mensen wil omzien. Wat is de mens dat U aan hem denkt? En toch heeft God ons bijna goddelijk gemaakt en het werk van zijn handen aan ons toevertrouwd. Hij heeft de mens als beheerder van zijn schepping aangesteld. Daar gaat het over in het vervolg van die Psalm. De vraag is daar niet of wij de schepping goed beheren, maar hier gaat het vooral over God die dat alles gemaakt heeft: “HEER, onze Heer, hoe machtig is uw naam op heel de aarde.” HEER staat hier met hoofdletters en verwijst naar de verbondsnaam van God: Ik ben die Ik ben en Ik zal er zijn. Hij blijft dezelfde.

     God had aan Abraham grote beloften gedaan. Hij zou een groot nageslacht en een eigen land krijgen en een zegen zijn voor alle volken. Abram was inmiddels oud en had er nog niets van gezien. Op een nacht nam God Abram mee naar buiten en zegt: “Kijk eens naar de hemel en tel de sterren, als je dat kunt,” en God verzekerde hem: “Zo zal het ook zijn met jouw nakomelingen”. Een garantie dat Gods beloften betrouwbaar zijn. In het Oude Testament ging Bileam op weg om een vloek over Israël uit te spreken, maar dat lukt niet. Uiteindelijk zegt hij: “Er zal een ster uit Jacob voortkomen, er zal een scepter uit Israël opkomen.” Een scepter verwijst naar een koning. Jaren later gaan wijzen uit het Oosten op weg om een ster te volgen die ze hebben zien opgaan. Ze zochten de pasgeboren Koning van de Joden om Hem eer te bewijzen.

     Wat is de mens? Wie is de mens? Daar hebben tal van filosofen, theologen en andere wetenschappers uitspraken over gedaan. 28 januari was het Nationale Holocaustherdenking. We herdachten dat 80 jaar geleden concentratiekamp Auschwitz werd bevrijd. Auschwitz, symbool voor de massavernietiging van miljoenen mensenlevens in de Tweede Wereldoorlog, symbool van waartoe een mens in staat is. Primo Levi schreef een boek over de gruwelen van de Holocaust. Het heet: “Is dit een mens?” Mensen werden zo verschrikkelijk behandeld, gemarteld en uitgehongerd, dat de bovenmatige wreedheid de menselijke waardigheid verminkte. Primo Levi dwingt ons om na te denken over de betekenis van mens-zijn. Extreme ontmenselijking en systematische wreedheid. Ja, hiertoe is de mens in staat. Het boek roept ons ook op tot verantwoordelijkheid om de grenzen van menselijkheid nooit te laten vervagen.

     Pilatus zegt: “Zie de mens,” als Jezus voor de menigte wordt gebracht, gehuld in een purperen kleed en met een doornenkroon op zijn hoofd. Hij wijst op Jezus als koning. Jezus is gekomen als Licht in de duisternis. Hij heeft de duisternis overwonnen door zijn dood en opstanding en het koningschap aanvaard! De sterren in de Bijbel spreken duidelijke taal. Jezus bevestigt dat als Hij in Openbaringen zegt: "Ik ben [...] de blinkende Morgenster"

     Zoals de wijzen zich verheugden toen zij de ster zagen en later de Koning zelf mochten zien, zo mogen wij nu al blij worden als we naar de hemel kijken en de morgenster zien. Als de nacht nog donker is, verschijnt plotseling de morgenster als voorloper van de opkomende zon. De morgenster kondigt de nieuwe dag aan. Jezus, de blinkende Morgenster, kondigt de nieuwe dag aan waar Hij als de ‘Zon der gerechtigheid’ zijn heerlijkheid zal openbaren. Op die dag zal er naar zijn belofte vrede en gerechtigheid zijn. Kijk eens naar de sterren en ontdek de handtekening van God erin.

Catharina van Valen